Lazarus staat op | Rein worden

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Lazarus staat op | Rein worden

Rein worden – PopUpGedachte vrijdag 26 juni 2020

Een zoektocht voor velen. En een verlangen dat ergens onder de oppervlakte sluimert. Dat je net als het zweet na een warme, plakkerige dag, je ook de mentale of fysieke zooi die je aankleeft, van je af kunt spoelen. De herinneringen die pijn blijven doen en zorgen dat je nek en schouders steeds weer een beetje vast komen te zitten. Je gaat wel naar de fysio, maar dat is symptoombestrijding. Niemand wast de herinnering uit je geest. De tijd zal het helen, en anders therapie. Het eeuwige zelfverwijt waardoor je soms de ander niet eens onder ogen durft te komen, waardoor je met een boog om sommige mensen of sommige ontmoetingen heen loopt. Je kunt je er niet vertonen, zo voelt het althans. Als je dat toch zou kunnen afwassen als stof na van je huid na een dag klussen en dat je dan verfrist weer het leven instapt, een schone blouse aantrekt en je een ander mens voelt.

In de lezing van vandaag wordt een melaatse genezen. Melaatsheid is een zeer besmettelijke huidziekte, die ervoor zorgt dat de drager zich meteen moet isoleren van de gemeenschap. Een soort corona, maar dan van de huid. Melaatsen leefden samen of alleen, buiten de bewoonde wereld. Uitgesloten, buitengesloten. We weten nu hoe dat kan zijn. Als het je geliefden overkomt, of misschien overkwam het wel jezelf. Niemand heeft de schuld ervan, het is er gewoon en er zit niets anders op dan de feiten te aanvaarden. Zelfisolatie, quarantaine en hopen dat het goedkomt. Melaatsheid kwam in principe niet meer goed.

We kennen de ziekte zelf niet meer – en misschien gaat het wel niet alleen over de ziekte. Er zijn talloze manieren van zelfisolatie, het vermijden van anderen, iemand niet meer onder ogen durven komen. Het hoeft geen schilferachtige huidaandoening te zijn, de herinnering aan wat we iemand aangedaan hebben, is soms genoeg om niet alleen de ander, maar ook heel veel anderen niet onder ogen te durven komen en we verstoppen onszelf. Soms letterlijk onszelf isoleren van die mensen, soms verstoppen we onszelf in onszelf. De herinnering aan dat wat anderen gezegd hebben of gedaan hebben, is soms gewoon te pijnlijk.

Het kunnen ogenschijnlijk onschuldige woorden zijn die keihard zijn aangekomen. En nooit meer kruipt die echte, kwetsbare ik uit de schulp. Het zelf is aan vrijwillige zelfisolatie begonnen en zal ze ooit de kop weer durven opsteken? Het zelf voelt besmet. Kan ik rein worden? Ooit? Verfrist naar buiten treden als uit van onder een koude douche op een te hete dag. Vol leven, diep inademend, met de behoefte om de eerste de beste die je tegenkomt een knuffel te geven omdat je er weer bent. Met heel je lijf.

Dit staat in de lezing vandaag: “Toen Jezus van de berg was afgedaald volgde Hem een talrijke menigte. Een melaatse kwam naar Hem toe en smeekte Hem op zijn knieën: 'Als Gij wilt Heer, kunt Gij mij reinigen.' Jezus stak de hand uit, raakte hem aan en zei: 'Ik wil, word rein.' En terstond werd hij van zijn melaatsheid gereinigd. Jezus sprak tot hem: 'Zorg er voor dat ge het niemand zegt, maar ga u laten zien aan de priester en offer de gave die Mozes heeft voorschreven om ze het bewijs te leveren.'

De geïsoleerde doorbreekt het eigen isolement, omdat de behoefte en de mogelijkheid tot genezing en heling krachtiger is dan de vanzelfsprekende uitsluiting op basis van de eigen aandoening. En dan is er genezing. En ik vraag me af hoe het met mijn behoefte is. Wil ik nog genezen worden? Zit de behoefte aan rein worden, het afwassen van de herinnering, van de zelfkritiek, van de gewetenswroeging of die karaktertrek die me zo vaak is verweten, is die behoefte nog ergens?

De tekst herinnert me aan het verlangen. En misschien is dat wel genoeg vandaag. Herinnerd worden aan verlost willen worden. Herinnerd aan dat stukje zelf dat in isolatie thuis zit. Even die steek door het de ziel met de gedachte: oh ja, die is er ook nog. En de Eeuwige zegt hier in de figuur van de man van Nazareth: kom maar, ik wil het, laat het me je zeggen, dat je rein bent. Kom maar. Ik wil het. Word rein. En na die woorden op pad gestuurd worden om degenen onder ogen te komen die je niet meer durfde aan te kijken, omdat zij het verlengstuk van je eigen geweten, van de eigen zelfkritiek zijn geworden. Om hen te laten zien dat je rein bent. Verlost. Vrij.

En het begint allemaal met het verlangen. Het op weg gaan om vrij te worden. Verlost van wat je isoleert van de ander, van jezelf, van het leven, van je spiritualiteit.

Een hele goede vrijdag gewenst. En vrede, en alle goeds.

Hier vind je drie tekstgedeelten die Rikko vanochtend las.