‘Ken je mij?’: gelovige lhbt’ers Wilco en Nicole gaan met elkaar in gesprek over keuzes en acceptatie

Kiezen voor een celibatair leven of de kerk verlaten: voor sommige lhbt'ers lijken dat de enige mogelijke keuzes. Wilco en Nicole maakten allebei een andere beslissing. In ‘Ken je mij?’ gaan ze met elkaar in gesprek.

‘Ken je mij?’: gelovige lhbt’ers Wilco en Nicole gaan met elkaar in gesprek over keuzes en acceptatie

Verbonden door hun geaardheid én geloof, en aan elkaar gekoppeld door dit nieuwe tv-programma, gaan Wilco en Nicole via een briefwisseling met elkaar in gesprek. ‘We zijn beiden regenboogschaapjes van de grote kudde van onze Herder’, schrijft Nicole in haar eerste brief aan Wilco.

Nicole is 24 jaar en groeide op in een milieu van nuchtere en gelovige harde werkers in het dorpje Hei- en Boeicop. Op haar 18e merkt ze dat ze zich definitief (ook) tot vrouwen aangetrokken voelt. ‘Toen ik dat besefte, viel ik in een heel diep gat. Alles was zwart, grauw en helemaal niet zo kleurrijk zoals ze in de gaywereld altijd voordoen. Ik snapte er echt niets meer van, want je was gay of hetero. En als christen kun je niet homo zijn.’

Een taboe

Nicole was erg bang voor het oordeel en de schande die ze over haar familie had gebracht. ‘In mijn hele opvoeding op het gebied van homoseksualiteit heb ik nooit expliciet gehoord dat het slecht was, het was meer een taboe. Wegzappen als er iets op tv was, het zou een worsteling zijn en tja de ‘grapjes’ natuurlijk. In de kerk werd er vroeger weleens gebeden voor de lhbt’ers, in hetzelfde rijtje als de zieke mensen, dat vond ik altijd maar een beetje gek.’

Toch kan ze haar geheim niet langer voor zich houden en ze besluit het haar ouders te vertellen: ‘Het bleek helemaal niet erg te zijn, mijn ouders vonden het juist heel erg dat ik dacht dat ik niet meer thuis mocht komen.’

Hoewel haar ouders goed reageren op haar coming-out, ervaart Nicole in haar gereformeerde bondskerk veel minder begrip. ‘Ik ben er nooit echt uit de kast gekomen. Maar toen mijn vriendin Linda met mij meeging naar de kerk begon het wel bij mensen te dagen. Er werd met ouderlingen over mij gepraat, maar niet met mij.’

Na een intimiderend gesprek met twee ouderlingen blijft het een half jaar stil. Als ze eindelijk weer wat hoort, wordt haar op het hart gedrukt heel goed na te denken over haar deelname aan het avondmaal, vanwege de gevoelens die dat los kan maken bij anderen. ‘Door de afwijzing die ik heb ervaren, vind ik het lastig om mij thuis te voelen in mijn kerk.' Nu Nicole met Linda samenwoont in een andere woonplaats is er letterlijk afstand ontstaan.

Sterk geloof

Wilco is 41 en woont op Meliskerken, een kerkelijk dorp in Zeeland. Daar groeide hij op in een gezin van 5 kinderen, hij is de jongste. Hij is lid van de gereformeerde gemeente, de kerk van zijn familie en zijn jeugd. Hoewel het geloof en de kerkgang voor zijn ouders vooral een gewoonte waren, blijft Wilco deze kerk trouw en ontwikkelt hij een sterk geloof.

Als kind voelde Wilco zich al een beetje anders en dit gevoel wordt sterker. ‘Ik zal toch geen homo zijn? Maar doordat ik zo druk was met het geestelijke lag het als een stil gegeven in mij.’ Hij besluit er niemand over te vertellen. In de kerk waar hij zich zo thuis voelt, durft hij niet open te zijn over zijn gevoelens. ‘God, waarom ik ben homo?! Ik zag het als mijn kruis door Hem opgelegd en probeerde het te dragen, ik leefde met de conclusie dat ik dan alleen moet blijven.’
Toch loopt Wilco totaal vast door dit deel van zichzelf te verbergen. Hij besluit een brief te schrijven aan zijn ouders, broers en zus waarin hij alles vertelt. ‘Ik heb de brieven persoonlijk rondgebracht en erbij gezegd: je mag het pas openmaken als ik weg ben. Op de terugweg dacht ik dat de wereld verging... Nu houdt alles op, dacht ik. Nu hou ik alleen God over en spuugt iedereen mij uit.’

‘Ik vind het heel belangrijk voor mezelf dat ik ervaar dat het Gods weg is voor mij.’

De reacties vielen mee: ‘Lieve broer, wat dapper’, en: ‘Je blijft wie je altijd voor ons bent geweest’. Maar hij kreeg ook te horen dat ze het altijd al hadden gedacht. ‘Dat benauwde mij. Zie je het dan aan me? Hoe dan?’

Daar heb je hem

Het nieuws wordt al snel bekend in het dorp. ‘Overal waar ik kwam voelde ik ogen en hoorde ik gefluister. Op m’n werk dook ik weg als ik een bekende zag en op zondagmorgen durfde ik niet meer naar mijn kerk. Ik had het gevoel dat iedereen over mij sprak en me zag lopen: ‘Daar heb je hem, die homo?!’’ Een vreselijke tijd volgt. ‘Ik werd angstig, ging overgeven en kreeg zelfmoordgedachten. Alles ging als een razende in mijn hoofd tekeer.’

Na veel gesprekken en gebed durft Wilco 6 weken later weer terug te keren naar zijn eigen kerk. Dat is de plek waar hij voeding vindt voor zijn geloof. Toch is er 15 jaar later nog weinig openheid over homo zijn. Met een paar mensen ervaart hij die openheid wel - ‘ik praat wat af bij mijn hek’ - maar de kerk zelf is nog altijd erg voorzichtig. ‘Echt volwaardig gesteund voel ik me niet.’

Onder jongeren ziet hij wat verschuiving, maar ‘er is voor lhbt’ers in de reformatorische kerken geen vangnet. Daarin voel ik me erg eenzaam.’ In de kerk van Wilco leeft erg sterk de gedachte dat je wel mag zijn (lhbt), maar er niets mee mag doen op grond van de Bijbel. ‘Ik heb het altijd een rare uitspraak gevonden en me ertegen verzet.’ Wilco zoekt zelf antwoorden in zijn geloof en in zijn kerk. ‘Ik heb niets meer met wat mensen zeggen of vinden, en of ik mensen tegen het hoofd stoot. Maar ik vind het heel belangrijk voor mezelf dat ik ervaar dat het Gods weg is voor mij.’ Wilco’s geloof heeft ondanks alles geen deuk opgelopen: ‘Met God ben ik nog nooit beschaamd uitgekomen.’

Veel herkenning

Nicole en Wilco vinden veel herkenning bij elkaar, ondanks hun verschillende levenskeuzes. Wilco schrijft: ‘Mij is opgevallen dat we allebei dezelfde vragen en zoektocht hebben maar er verschillend mee omgaan. Waar jij buiten je kerk op zoek gaat naar aansluiting en vecht voor acceptatie, ben ik meer intern gaan zoeken naar wat mij nu precies bij de kerk houdt en hoe ik daarmee verder ga. Ik vind het bijzonder om te horen en te ervaren dat iedere lhbt’er hetzelfde proces door moet om een plaats te vinden, en daar eigenlijk nooit helemaal rust in vindt. Mijn geluk is dat God zo anders naar mij kijkt dan de mensen.’

Nicole schrijft: ‘Wat ik van je heb geleerd, is dat je ook al ben je eenzaam en ontevreden in de kerk, je toch heel gelukkig kunt zijn samen met God. Dat je aan God alleen ook echt genoeg kunt hebben. Op het gebied van relaties zijn we natuurlijk wel een beetje anders, misschien lezen we de Bijbel anders of houden we onszelf andere dingen voor. Ik begrijp dat je geen relatie hebt in het klimaat waarin jij leeft en gelooft. Ik vind het knap dat je daarmee kunt leven en je taken kunt uitvoeren. Mooi dat jij vrede hebt hierin, vrede met jezelf en God.’

Wil je de ontmoeting tussen Wilco en Nicole bekijken? Dat kan op zondag 10 januari, om 17.45 uur op NPO 2 of natuurlijk later via NPO Start.

En wil je meer weten? Kijk dan op de site van Ken je mij. Daar vind je ook allerlei christelijke organisaties die het gesprek aangaan over homoseksualiteit en geloof en lhbt’ers ondersteunen.

Ken je mij? Aflevering 1 - Wilco & Nicole